Welkom in Cuba!

Eindelijk was het zover. Drie weken reizen door Cuba met onze kinderen Nora (11) en Ivar (8). We waren goed voorbereid en blij dat het avontuur kon beginnen.
Na een prima vlucht, die toch 10 uur en 15 minuten duurde, klonk door de speaker: “Herzlich willkommen in Havana!” We waren redelijk snel het vliegtuig uit. De warmte viel als een deken over ons heen. Waarom stonden alle Cubanen die we zagen zo te wapperen met hun blaadjes, boekjes en waaiers? Oké, het was dus écht warm.

Vliegveld
Douane

We wisten dat in Cuba alles op z’n gemakje gaat, dus we waren daarop ingesteld. Een blik op de rijen bij de douane beloofde weinig goeds. Een eerste kennismaking. Uit die ratrace modus! Weg met de 5e, 4e en 3e versnelling. Toch hadden we geluk. Er kwam een hokje bij en wij met onze niños mochten voor. De beambte was zowaar nog vriendelijk ook (waar kom je dat tegen, vriendelijk douanepersoneel?). Paspoorten, visa, entreeformulier en de kopieën van de reis- en annuleringsverzekering werden gecheckt. Prima, was al dat werk vooraf tenminste niet voor niets gedaan. Er werd nog even een foto gemaakt voor in het systeem  en we moesten bevestigen dat we recentelijk niet in Afrika waren geweest. Geen idee waarom dat relevant was.

Bagage en geld wisselen

Op naar de volgende halte: de bagageband.  Tot onze verbazing zagen we onze bagage super snel op de band voorbij komen. Altijd weer een fijn moment als je alles hebt. So far so good. Door naar een wisselkantoor om onze Euro’s te wisselen in CUC’s. Als toerist betaal je namelijk met deze speciale munteenheid. De lokale bevolking heeft een eigen munteenheid maar ze zijn dol op CUC’s.  Bij de bank was 1 wachtende voor ons. Hoera! Oké, dat duurde evengoed 20 minuten, maar dat was niets vergeleken met de verhalen die we later van anderen hoorden. Eenmaal buiten moesten we weer heel even naar adem snakken. Poeh… die temperatuur en luchtvochtigheid. Dat scheelde wel met Nederland. Rustig aan dan maar.
Geld

Taxi

We werden in twee oude taxi’s, de beroemde oude Amerikaanse ‘bakken’, van de luchthaven naar het hotel gebracht. Twee omdat je wel met vier personen erin kunt, maar zij hadden vast verwacht dat die vier personen heel wat meer bagage bij zich zouden hebben. Nee  hoor, wij niet. Twee grote rugzakken en ieder een dagrugzak. Daar gingen we het mee doen.
Ik zat met Ivar in de taxi. Hij keek zijn ogen uit. Het was wel even een beetje schrikken voor hem. De huizen, auto’s en straten zien er nogal vervallen uit. En hij was bang dat wij ook in zo’n huis zouden verblijven. Al snel wende het en naarmate we meer richting centrum kwamen, kwam ook de schoonheid. De chauffeur sprak alleen Spaans en ik dook in het diepe. Gelukkig had ik ook de zin: “wilt u alstublieft iets langzamer praten” uit mijn hoofd geleerd. Die werd veelgebruikt gedurende de hele reis. Zeker als je een paar woorden spreekt en het best aardig klinkt, dan denkt men al gauw dat je alles volgt en praten ze super snel. Te snel. Maar zodra het langzamer ging, konden we heel wat informatie uitwisselen.

Taxi
Hotel

Hotel Beltran del Santa Cruz lag fantastisch. Om de hoek bij Plaza Vieja, een van de centrale pleinen in Havana. Een erg mooi plein ook.
We hadden twee grote kamers (en die doopten we om tot een jongenskamer en een meisjeskamer)  in koloniale stijl. Mét airco. En dat  bleek de rest van onze reis een basisvoorziening te worden: airco en/of ventilator. Verder hadden we continue stroom en een prima douche. Allemaal geen vanzelfsprekendheden in Cuba. Lekker om hier onze reis te starten. Wij verkenden de omgeving en maakten kennis met Cubaans onweer. Jee, wat gaat het dan los. Maar we zaten droog met onze eerste cocktail (natuurlijk een Mojito) op het terras onder een afdak. De salsa klanken kwamen boven het gedonder uit. Een van de meest fantastische dingen van Cuba: je hoort altijd en overal muziek. Soms wat verder weg en soms dichtbij, maar sluit je ogen en je hoort het. Erg laat maakten we het niet. De reis en de zes uur tijdsverschil nekten ons.

Hotel Beltran
Ontbijt en Havana Club

Fijn zo’n jetlag. Lig je vanaf 3 uur ’s ochtends wakker. Gelukkig waren we na een dag wel in ons Cubaanse ritme. Het werd uiteindelijk een schappelijke tijd om op te staan en we konden ontbijten op de binnenplaats. Vrijwel alle hotels zijn van de staat en het personeel is doorgaans niet bijzonder vriendelijk, maar we hadden het erger verwacht. Het ontbijt was eigenlijk overal hetzelfde: koffie, chocomel voor de kids, fruitsapjes, borden met vers fruit (heerlijk!), broodjes of toast en ei. Prima dus. Met onze buikjes gevuld trokken we snel de stad weer in. Op naar Havana Club. Het beroemde merk van de rum (en sigaren). We bezochten dit rum-museum en boekten een rondleiding in het Engels. De kinderen waren gratis. Dat zag je vaker bij musea. De rondleiding duurde een uurtje dus dat was ook voor hun goed te doen. We kregen veel uitleg over de historie, het productieproces en de prijzen van de verschillende flessen. We eindigden met een proeverij.

Havana Club

Stadswandeling

Daarna liepen we naar de andere kant van de stad. “Nee dank u, we hoeven geen taxi” werd ook een veelgebruikte zin. Soms wel 60x per dag. Het Capitolio Nacional oftewel het Capitool was indrukwekkend mooi en groot. Het stond deels nog in de steigers in verband met restauratie, maar de voorkant was klaar. De sigarenfabriek in de buurt was gesloten omdat het nu niet het seizoen is. Dat hadden we al gelezen. Dan maar op zoek naar een plek om te lunchen. Die vonden we snel. We bestelden vis, kip en een paella schotel. Door de warmte aten we minder en dronken we veel water, dus echt veel eten deden we niet. Drie gerechten met ons vieren delen werd de trend voor de hele reis. En dan bij elkaar proeven en pikken. Via wat leuke straatjes vervolgden we onze stadswandeling naar het Museo de la Revolución. Even afkoelen binnen. Een aardig museum over een bijzonder moment in de geschiedenis van Cuba. Aan het einde van de middag liepen we naar de boulevard: Malecón. Helaas was het vergane glorie. Prachtige gebouwen helemaal vervallen, leeg en troosteloos. Omdat het zondag was, waren alle pleintjes wel super druk en overal klonk weer live muziek. Heerlijk. We bleven geregeld staan om daarvan te genieten. Ook in restaurants zijn vaak muzikanten en bandjes te vinden. Soms spelen ze aan je tafel. Altijd met passie en natuurlijk komen ze daarna ook even met de pet rond.

Plaza

Hop on hop off bus

Inmiddels begonnen we Cuba beter te leren kennen en voelden we ons meer en meer thuis. De tweede volle dag in Havana begonnen we weer met een rondwandeling. Dit keer van plein naar plein De Lonely Planet is ook nu weer onze bijbel en voorziet ons van de nodige informatie onderweg. Via de winkelstraat liepen we naar Parque Central om de mega toerist uit te hangen: we gingen met de hop on hop off bus. Ivar mocht gratis mee. Het was wel even raar. Zoveel dingen zijn er niet in dit land, maar zo’n bus dan weer wel. Het mooie was dat deze bus ook naar de buitenwijken reed. Het waaide lekker op het bovendek, maar nog meer smeren tegen de zon was wel verstandiger geweest bleek ’s avonds. We stapten uit bij een van de grootste begraafplaatsen van Zuid Amerika: Cementerio Cristóbal Colón. Met 800.000 graven en 100.000 grafmonumenten. Indrukwekkend. Ook hier weer mochten de kinderen gratis het terrein op.

Begraafplaats

Huurauto

Terug naar het centrum weer met de bus en toen was het tijd om onze huurauto op te halen. De verhalen vooraf waren niet veelbelovend dus we waren blij met het advies van Riksja om de auto ’s avonds op te halen in plaats van de dag dat je hem écht nodig hebt. Wij deden er alsnog 3,5 uur over om een, in november gereserveerde auto, acht maanden later te bemachtigen. Te weinig auto’s, te veel toeristen. Dat wordt nog wat als ook de Amerikanen mogen komen. Toen we onze Renault Latitude eindelijk hadden, reden we nog een stukje over de Malecón om even te wennen aan alle knopjes en geluiden. Daarna parkeerden we onze bolide en liepen terug naar het hotel om ons op te maken voor het vervolg van onze reis. Dag Havana, het was een prettige kennismaking!

Muziek

10 reacties

  1. Eindelijk tijd om je verhaal rustig te genieten.
    Leuk geschreven. Ik wist het niet dat toeristen met een speciale munteenheid betalen in Cuba.
    We gaan ook graag naar de begraafplaats in buitenland.
    In Lissabon hadden we uren doorgebracht op de begraafplaats. Prachtig vonden we dat.
    Ik kijk al uit naar je volgende verhaal.

    1. Ja die twee munteenheden zijn niet altijd even handig en als toerist betaal je dus sowieso teveel 😉 Dank voor het compliment en woensdag volgt deel II.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *